Eisen brandweer

 

Voor een veilige Damitobeurs stelt de brandweer een aantal eisen op. 

 

Brandweer

 

Brandweer Dalfsen Preventie Evenementen

-------------------------------------------------------------------

 

Ruimten met stands, kramen, schappen, podia en andere inrichtingselementen: 

 

• Gangpaden tussen stands, kramen, schappen, podia en andere inrichtingselementen in een voor publiek toegankelijke ruimte zijn ten minste 1,1 m breed.

• Voor een uitgang in een ruimte als bedoeld in het eerste lid is een vrije vloeroppervlakte met een lengte en een breedte van ten minste de breedte van deze uitgang.

 

Aanwezigheid gasflessen:

 

• Tijdens het evenement mogen gasflessen aanwezig zijn die samen een totale waterinhoud van 115 liter bezitten.
• Bij gebruik van gasflessen zijn de voorwaarden onderaan deze pagina eveneens van toepassing.

 

Aankleding in een besloten ruimte

 
• Aankleding in een besloten ruimte mag geen brandgevaar opleveren. Dit gevaar is niet aanwezig indien:
a. de aankleding een navlamduur heeft van ten hoogste 15 seconden en een nagloeiduur van ten hoogste 60 seconden;
b. de aankleding onbrandbaar is, of
c. de aankleding een ondergeschikte bijdrage aan het brandgevaar levert.
• De verticale vrije ruimte tussen de vloer van een besloten ruimte voor het verblijven of het vluchten van meer dan 50 personen en niet op de vloer aangebrachte aankleding is ten minste 2,5 m, tenzij:
a. de aankleding onbrandbaar is;
b. de aankleding een ondergeschikte bijdrage aan het brandgevaar levert, of
c. de aankleding zich bevindt boven een gedeelte van een vloer waar zich geen personen behoren te bevinden.
• De aankleding in een besloten ruimte mag bij brand geen druppel¬vorming geven boven een gedeelte van een vloer bestemd voor gebruik door personen.
• Bij apparatuur en installaties die warmte ontwikkelen mag, ter voorkoming van brand, de temperatuur van een gedeelte dat in aanraking kan komen met de aankleding van een besloten ruimte, niet hoger worden dan 90 °C. Dit geldt niet voor zover de aankleding onbrandbaar is.
• In een besloten ruimte zijn geen met brandbaar gas gevulde ballonnen aanwezig.

 

Brandveiligheid stands, kramen, schappen, podia en andere inrichtingselementen

 

• In een voor publiek toegankelijke ruimte opgestelde stands, kramen, schappen, podia en andere inrichtingselementen zijn brandveilig.
• Aan het in het eerste lid gestelde is voldaan indien een naar de lucht toegekeerd onderdeel van het inrichtingselement:
a. onbrandbaar is, bepaald volgens NEN 6064: 1991, inclusief wijzigingsblad A2: 2001;
b. een dikte heeft van ten minste 3,5 mm, en voldoet aan klasse 4 als bedoeld in NEN 6065: 1991, inclusief wijzigingsblad A1: 1997, of
c. een dikte heeft van minder dan 3,5 mm en over de volle oppervlakte is verlijmd met een onderdeel als bedoeld onder b.

 

Blusmiddelen:

 

• Er moeten voldoende blusmiddelen aanwezig zijn. Eén en ander in overleg met de brandweer. 

 

Elektrische apparatuur:

 

• Wanneer er elektrische apparaten worden gebruikt, dan moet de haspel helemaal zijn afgerold en snoeren moeten berekend zijn op de te gebruiken hoeveelheid stroom.
• Kabels en snoeren moeten, als deze over de vloer lopen, met goede plakstrips worden vastgeplakt om struikelen en/of vallen te voorkomen.
• Er dienen deugdelijke en geaarde snoeren en haspels te worden gebruikt.

 

Open vuur:

 

• Open vuur en het verrichten van brandgevaarlijke werkzaamheden is verboden, tenzij u daar schriftelijk ontheffing, al of niet onder nadere voorwaarden, voor heeft gekregen van de gemeente Dalfsen.
• Er mag geen koffiezetapparatuur en verwarmingstoestellen worden gebruikt.

 

Toezichthoudende ambtenaren:

 

• De brandweer en/of toezichthoudende ambtenaren kunnen zowel voor als tijdens het evenement controles uitvoeren ter bevordering van de veiligheid van de bezoekers en/of deelnemers.

 

Roken:

 

• Roken is alleen toegestaan in de daarvoor aangewezen ruimte.

 

Voorwaarden voor het gebruik van butaan en propaangas in de gemeente Dalfsen

 

In uw aanvraag voor een tijdelijke vergunning of ontheffing heeft u aangegeven gasgestookte apparaten te gebruiken. Om tijdens markten, evenementen en dergelijke gasverbruikende toestellen te mogen gebruiken dient u ook in de gemeente Dalfsen aan de regelgeving te voldoen. Dit betekent dat LPG voor een andere toepassing dan aandrijving van motorvoertuigen niet is toegestaan.
Hierna volgen op beknopte wijze de voornaamste eisen en voorwaarden voor het veilige gebruik van butaangas en propaangas. Tijdens controle door medewerkers van de gemeente Dalfsen wordt op deze punten gelet.
Indien de veiligheid door het niet nakomen van één of meerdere voorwaarden in het geding is kan u worden gesommeerd de activiteiten direct te beëindigen.

 

Om veilig gas te gebruiken moet aan de diverse eisen en voorwaarden worden voldaan. De exacte informatie kunt u vinden in diverse normbladen van:
o het Normalisatie Instituut
o Arbeid Inspectiebladen
o Keuringseisen van het stoomwezen
o de Brandbeveiligingsverordening van de gemeente Dalfsen.

 

De gasfles:

 

1. De gasfles moet door het stoomwezen zijn goedgekeurd. De gasfles moet elke tien jaar worden gekeurd, op de fles is de uiterste datum vermeld. Verder moet op de fles zijn ingeslagen:
• Leeuwtje (merkteken stoomwezen, dit wordt vanaf medio 2005 vervangen door een door Lloyd's Register-Stoomwezen erkend geldig keurmerk wat ook op de afsluiter komt);
• Uiterste gebruiksdatum gasfles;
• (water-) inhoudsmaat in liters;
• gassoort.
2. Bij een buitentemperatuur van 5 graden Celsius of minder mag u geen butaangas gebruiken maar dient u over te gaan op het gebruik van propaangas.
3. Een gasfles mag niet worden verwarmd.
4. De gasfles moet altijd rechtop staan op een goed geventileerde plaats en niet in de volle zon.
5. Een niet aangesloten gasfles moet volledig zijn ontkoppeld en de afsluiter op de fles moet beschermd zijn tegen beschadigingen, bijvoorbeeld als gevolg van omvallen van de fles.
6. Bedien de fleskranen en appendages alleen met de hand.

 

De gasdrukregelaar:

 

1. Elke gasfles die op een gasverbruikend toestel is aangesloten moet zijn voorzien van een gasdrukregelaar.
2. De gasdrukregelaar moet een voor-ingestelde waarde hebben van 30 of 50 mBar. Dit is afhankelijk van wat er op het typeplaatje van het verbruikstoestel staat aangegeven.
3. Elke gasfles die op een gasverbruikend toestel is aangesloten moet zijn voorzien van een gasdrukregelaar die niet ouder is dan vijf jaar.
4. De gasdrukregelaar mag niet met gereedschap op de fles worden gemonteerd of gedemonteerd! De conische pakkingring in de drukregelaar en de schroefdraad kunnen anders ernstig beschadigen en (blijvend) zorgen voor lekkage.

 

De Gasslang:

 

1. De gasslang moet zijn voorzien van een onuitwisbare opdruk met de volgende gegevens:
• naam van de fabrikant;
• productiejaar;
• werkdruk;
• voor welke gassoort de slang geschikt is.
2. Een propaangasslang (oranje) mag maximaal vier jaar oud zijn! Een butaangasslang (zwart) mag maximaal twee jaar oud zijn. Dit geldt ook wanneer de gasslang er op het oog nog goed en onbeschadigd uitziet.
3. Een gasslang mag geen uiterlijke beschadigingen vertonen, is dit wel het geval dan dient u de slang eerder te vervangen dan de hiervoor genoemde leeftijd.
4. De gasslang mag een lengte hebben van maximaal twee meter. Bij grotere afstanden moet de gasslang zijn aangesloten op een vaste leiding. In geval van een tijdelijke opstelling mag de lengte maximaal 10 meter bedragen (NEN 1763-1).
5. Een met katoendraden verstevigde gasslang (NEN 1763-1) moet altijd met een deugdelijke slangklem op de tule (NEN 2381, NEN 1273) van de gasdrukregelaar en het verbruikstoestel zijn aangesloten.
6. Een niet met katoendraden verstevigde gasslang mag alleen worden gebruikt met een speciale tule, een slangklem mag dan niet worden gebruikt.

 

En vergeet niet dat u ook een goedgekeurd blusmiddel voor direct gebruik gereed moet hebben!